Ome Ed en de Spanjolen

Martin legt zijn Hup Holland Hamsters op een rij en ziet dat hij er nog eentje mist. ‘Ken ik wéér naar Appie toe. Ik ben al vier keer extra geweest deze week. En elke keer weer precies 15 euro uitgeven.’ Aan de stamtafel wordt zenuwachtig gelachen, als blijk van herkenning. Tijdens een groot voetbaltoernooi zijn we allemaal een beetje van slag. Zeker als de Oranjekoorts toeslaat. ‘Ik ben zwaar teleurgesteld in die knijphamsters van Albert Heijn’, zegt Martin, met een sip gezicht. ‘Ze zien er op tv heel anders uit als bij de kassa. Een stuk stof met een platgedrukte hamster d’r op, meer is het niet.’ ‘Wij spaarden vroeger voetbalplaatjes,’ zegt Gerard de Gleuvenglijder. ‘Die waren net zo plat.’ Ook Ome Ed uit zijn ongenoegen over de Hup Holland Hamsters. ‘Ze zien d’r uit alsof ze al door een verhakselaar zijn gehaald’. U begrijpt: wij hebben onze eigen VI Oranje hier, aan de stamtafel. Zoveel mensen, zoveel meningen. Ook Nico, onze snackbarfilosoof, laat zich horen. ‘Het is jammer dat mensen niet zoveel weten als ze dénken te weten, over voetbal.’ Hij kijkt naar Ome Ed. Ome Ed is, net als zijn boezemvriend Gerard, een Cruijffiaan; een discipel van diens voetbalvisie. Ook Ome Ed heeft geen goed woord over voor van Gaal, die hij steevast ‘van Gal’ noemt. Ook niet nadat de Spanjaarden door ons zijn vernederd. ‘Er is knap gespeeld’, zegt Ome Ed Johan Derksen na, ‘maar dat komt niet door van Gal. Dat komt door de klasse van Robben en van Persie.’ Dan, met een flinke brul, komt Paul uit de keuken stormen. ‘Aaanvalluuuuh!’. We zien zijn ogen niet, zijn brilglazen zijn beslagen. ’We hebben de Spanjaarden in de pan gehakt. Dat kan je maar op één manier vieren. Met een pompeus gebaar zet hij een grote serveerschaal op tafel. Aan de zijkanten ligt rondom rookworst. In het midden: een dampende berg aardappels, peen en uien. Even later zitten de hele zaak aan de hutspot, midden juni. We doen alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. Maar als Nico’s snackbar iets níet is, dan is dat het wel.