Vakantie! Lang leesplezier.....(2)

De tien kampeergeboden Kamperen is een bezigheid waarbij men volkomen uitgeput op reis gaat en vervolgens compleet overspannen thuiskomt. Toch zijn er in Nederland vijf en een half miljoen kampeerders die gezamenlijk meer dan tien miljoen keer per jaar deze moeder van alle vakanties consumeren. Een ware volksverhuizing vindt in de zomer plaats. Vreemd genoeg vooral bij de beter opgeleide en beter gesitueerde medemens, die een onweerstaanbare drang voelt om de enige vrije tijd die hij of zij heeft door te brengen op een kaal stuk grond voor de flap van een tent. Maar kamperen ( in de volksmond ook wel ‘kramperen'genoemd) is méér dan een simpele vakantie. Het is een missie. Een levensopdracht, een lijdensweg waarbij de leer van Boeddha verbleekt tot een beduimeld boodschappenlijstje. Om te voorkomen dat wij kampeerders steeds opnieuw het wiel uit moeten vinden - of beter gezegd de tent opnieuw moeten opzetten - heb ik voor u de allerbelangrijkste kampeerregels op een rijtje gezet. Het is dan ook van de grootst mogelijke importantie dat u deze regels kent én gebruikt als u gaat kamperen. Wellicht is het een goed idee om deze bladzijden te kopiëren en aan de binnenkant van uw autoportier te plakken, of beter nog, uit het hoofd te leren. Zij zijn de sleutel tot een geslaagde kampeerervaring. Regel 1: Ga nooit te lang. Als regel geldt: drie dagen om in de buurt van het beoogde reisdoel te komen, niet meer dan twaalf dagen kamperen op het reisdoel en twee dagen voor de terugtocht. Vergeet ook vooral niet om te genieten van de thuisreis! Er is geen prettiger moment denkbaar dan de aanblik van de eerste Nederlandse woorden op de bewegwijzeringborden. Vele kampeerders ervaren de terugreis zelfs als het hoogtepunt van hun vakantie. Wat het reisdoel betreft: stel dit zelf vast en probeer het reisdoel er thuis op democratische wijze doorheen te drukken. Mocht het slecht weer zijn op uw reisdoel dan koopt u een lokale krant en legt u uw reisgeno¬ten met behulp van de pijlen en cijfertjes op de weerkaart uit dat ‘deze plek onder deze omstandigheden de meest zonnige plek leek en als zij het zelf beter weten ze dan vooral hun gang mogen gaan'. Kies bestemmingen die u kent of die u zijn aanbevolen door kampeerders die u volledig vertrouwd. Het is tevens nuttig om hierbij te vermelden dat u nooit uw huis moet verhuren tijdens uw vakantie. Bij het plotseling afbreken van de kampeervakantie, niet geheel ondenkbaar, kunt u dan uw eigen huis niet in. U zal de eerste en zéker de laatste niet zijn die om die reden noodgedwongen zijn toevlucht moet nemen tot de camping in uw eigen woon- of verblijfplaats, de ergst denkbare afgang voor iedere kampeerder. Regel 2: Zorg voor een goede uitrusting. Enige weken voor de vertrekdatum verzamelt u alle kampeerbenodigdheden op één plek in het huis, bij voorkeur op een plek waar u er voortdurend over kunt struikelen zodat u er meerdere malen per dag aan wordt herinnerd dat u weer op vakantie mag (bijvoorbeeld in de keuken of achter de voordeur). Stel vast welke kampeermaterialen u heeft. Indien u iets niet heeft, probeer dit dan te lenen bij vrienden, familie of buren. Controleer ook de duurzaamheid van uw kampeeruitrusting. Indien er gebreken zijn valt u terug op uw vrienden, familie of buren. Wat neemt u in ieder geval mee: 1. De tent. Controleer of alle onderdelen aanwezig en vooral ook heel zijn. Zorg voor voldoende reservematerialen. 2. Neem zoveel mogelijk gereedschap mee zoals hamer, schepje, dopsleutelset, decoupeerzaag en haakse slijptol. Deze laatste kan altijd van pas komen als u midden in de nacht de camping wilt c.q. moet verlaten. Anders dan vele mensen denken is een kampeervakantie een werkvakantie waarin u altijd bezig bent om uw plekje van alle gemakken te voorzien - om overigens direct na het gereedkomen daarvan door te trekken naar de volgende camping. 3. Spijkers, lijm, plakbenodigdheden, naaigerei, reparatietape en de verbandtrom¬mel. 4. Luchtbedden en isolatiematjes. Neem vooral een stevig luchtbed zonder hoofdkussen of luchtkamers zodat u niet van het bed rolt. U zal de eerste niet zijn die wakker wordt met een kou op het hoofd, of erger, een ongewenste hernia. Neem voldoende slaapzakken en dekens mee want u zal altijd zien dat de koudste nacht van de eeuw tijdens en op uw vakantiebestemming plaatsvindt. 5. Kookgerei, waterzak, koelbox en bestek. 8. Gastoestel en verlichting; veel campings hebben immers een stroomvoorziening. Neem daarom een zogeheten euroaansluiting mee en ongeveer 140 meter verlengsnoer. Vergeet ook vooral niet alle elektrische apparaten die u nodig denkt te hebben in te pakken. 9. Tafel en stoelen. Vanzelfsprekend neemt u plastic tuinmeubilair mee; test vooraf de kwaliteit van uw zitgerei door vanaf enkele weken vóór de vakantie in de woonkamer tv te kijken op de tuinstoelen; dit vergroot tevens de vakantievoorpret. Koop geen stoelen die eruit zien alsof u er meteen doorheen zakt want dit zal onherroepelijk gebeuren. 10. Zeilen en touwen; deze kunt u in uw strijd tegen de elementen goed gebruiken want u zal altijd zien dat de heetste dag of de ergste wolkbreuk van de eeuw tijdens en op uw vakantiebestemming plaatsvindt. Regel 3: Aankomst op de Camping Ook de aankomst is gebonden aan regels. Zorg dat u vroeg in de middag aankomt, het liefst rond twee uur 's middags. Dit geeft u de kans om een mooi plekje uit te zoeken. Bovendien kunt u dan onder het genot van een koud biertje naar hartelust genieten van het gestuntel, gekloot, geruzie en geinparkeer van uw medekampeerders die altijd te laat komen. Pas op voor zogeheten valse plekken! Hoe vaak gebeurd het niet dat u op een camping arriveert waar het stervensdruk is zodat er alleen nog maar rotplekken zijn - behalve dat éne rustieke en romantische plekje aan een kabbelend beekje beneden aan de heuvel, met een treurbeuk aan de oever voor de schaduw. Terwijl de rest van de campinggasten de haringen in elkaars tent moet slaan uit ruimtegebrek, bevind u zich in uw eigen kampeerparadijs. Helaas zult u dan altijd zien dat het beekje - nadat ze 's nachts ergens een sluis open hebben gezet - veranderd in een kolkende rivier, zodat u drijvend in de rivier met een vaart van twintig knopen wakker wordt. Regel 4: Ga nooit in de buurt van de toiletten staan. Bij de toiletten staan alleen maar betweters en/of vaste bewoners die zich allemaal willen en dus ook gaan bemoeien met uw kampeervrijheid. Bovendien stinkt het er naar Hollandse stront, Franse kots en Duitse pis. Het is wel essentieel dat u direct de toiletten controleert als u arriveert. Als u dit niet doet loopt u het risico om de tent nog dezelfde dag weer af te breken om hem vervolgens op een nog vervelendere camping weer op te bouwen. Regel 5: Weet met wie u gaat kamperen Mogelijk kampeerplezier wordt vaak in de kiem gesmoord of ronduit vergalt doordat u de persoon met wie u de vader van alle vrijetijdsbestedingen gaat voltrekken niet of niet goed genoeg kent. De volgende vuistregels dienen in acht te worden genomen: Kamperen met uw vaste relatie: zorg dat u altijd iets vergeet, bedenk dat ruzie een onlosmakelijk onderdeel van een kampeervakantie is en realiseert u zich dat het ieder jaar eenvoudiger wordt. Kamperen met uw eerste vriend of vriendin: pak alle kampeerspullen zorgvuldig in en laat alles over aan uw partner. Als u iets doet en het gaat fout, doe dan alsof het de bedoeling was. Als u een verliefd stel bent, zorg dan dat u altijd in de buurt van een of meerdere andere verliefde stellen uw tent opzet zodat niemand kan bepalen waar het geluid vandaan komt als de officiële nachtrust is ingegaan. Kamperen met een buitenechtelijke relatie: pak alle spullen zorgvuldig in en ga naar het eerste de beste hotel waar ze u niet kennen. Regel 6: Ontdek je plekje De kans op het welslagen van uw kampeervakantie wordt voor een groot deel bepaald door het vinden van de juiste camping. Daarom de volgende aanwijzingen: stelt u zich van te voren op de hoogte van de kampeergelden; sommige cam¬pinghouders willen sneller met pensioen dan de meer betrouwbare. Hoort u accordeonmuziek en ziet u kinderen met snottebellen, kies dan de volgen¬de camping op uw lijstje. Vermijdt vaste kampeerders. Test ze op hun stressbestendigheid door na tien uur 's avonds de radio harder te zetten, kampvuren te stoken en pas ná middernacht naar hun tent of caravan te schreeuwen of ze geen last hebben van het geluid; vergeet vooral ook niet om te vragen waar de slijter in het dorp zit, om vier uur 's ochtends. Plaats uw tent met de opening uit de wind en let op de stand van de zon. Maak uw keuze op basis van uw behoefte; wilt u vroeg in de morgen in het zonnetje ontbijten of wilt u juist zolang mogelijk van de avondzon profiteren? Plaats het slaapgedeelte van de tent nooit op een helling, hoe klein deze ook is. Slaapstoornissen, hoofdpijn, bloedproppen en ander ongemak zullen u ten deel vallen. Indien mogelijk, zorg dat u bij een boom staat; altijd handig voor de waslijn en zelfs noodzakelijk voor de schaduw en opslag van etenswaren die aan de boom kunnen worden gehangen om bezoek van ongewenste inheemse diersoorten te voorkomen. Regel 7 : Persoonlijke hygiëne Is de douche gratis? Maak er dan overvloedig gebruik van. De volgende kans op deze luxe zou wel eens thuis zijn. Ga er vanuit dat er geen toiletpapier is. Indien wel aanwezig, rol voor later gebruik een meter of veertig op. Loop nooit naar het toiletgebouw zonder de waterzak, vuile vaat, afval of andere zaken die u altijd bent vergeten als u bij het toiletgebouw bent aangekomen. Bij het vertrek dient men handdoek en toilettas apart te houden zodat men na het onaangename werk van het inpakken zich op kan frissen, om vervolgens met een schoon gevoel en opgewekt de reis naar nieuwe bestemmingen aan te gaan. Regel 8: Oude nieuwe troep Indien u de vakantie tot een acceptabel einde hebt gebracht: stop alle spullen die u op de vakantie hebt gekocht omdat ze zo handig leken in een stevige doos. Bewaar de doos voor de rommelmarkt of zet deze bij het grofvuil. 9. Beschouw na afloop van de vakantie de geleende spullen als uw eigendom. 10. Leen nóóit iets uit.   (Uit: Licht in mijn hoofd, reisverhalen)