Ome Ed en Franciscus de 1e

  ‘Da’s fijn voor die Argentijnen: hebben ze na al die duizenden dwaze moeders eindelijk een dwaze vader’. Dan zwijgt Ome Ed. De schaal met kroketten arriveert aan onze stamtafel. Het gezelschap stort zich vol overgave op de gefrituurde lekkernij. Elke zondagmiddag is er, zogezegd, witte rook in Nico’s snackbar. ‘Alleen die verkiezing vindt ik suf’, zegt Samantha, terwijl zij voorover buigt om een kalfskroketje te pakken. Haar decolleté is alles behalve suf. Je kan van bovenaf de kleur van d’r schoenen zien. ‘Tegenwoordig zit iedereen te sms-en, what’s appen, pingen, skypen, noem maar op. En dan gebruiken zij witte rook.’ ’Dat heet traditie’, zegt Paul. ‘Wij zitten hier toch ook elke zondagmiddag?’ Ome Ed blaast. ‘Tyfus. Da’s geen kroket om de trein te halen’. ‘Ik snap persoonlijk niet dat er zoveel aandacht voor is’, zegt Martin. ‘Precies’, roept Ome Ed. ‘Die ouwe heb de hostie nog niet in de ring gegooid of dat Petrusplein staat alweer vol met mensen. En waarvoor? De hele wereld heb urenlang naar een schijtende meeuw op een schoorsteen zitten kijken. En dan komt er witte rook tevoorschijn en gaat de hele menigte uit ze panty. Iedereen wil stoppen, komen zijn met vieze rook. ‘t Is net als die hele katholieke kerk: smeerpijperij.’ Hij houdt zijn flesje tegen het licht. ‘Paul, doet mijn nog een glaasje pies van de paus. ‘ Paul haalt uit de krat onder de tafel een Spa Geel tevoorschijn. ‘En dan nog wat’, zegt Ome Ed, terwijl hij zich uitgebreid krabt aan zijn grijze stoppelbaardje. ‘Fransciscus de 1e noemt ‘ie ze eigen. Dat klopt voor geen meter. D’r wás al een Fransciscus. Dát was de eerste. Die Argentijn ken hooguit de tweede zijn.’ Samantha doet een duit in het zakje. ‘Waarom noemt ‘ie ze eigen dan niet Franciscus 2.0’?, vraagt ze. ‘Nou ja, hij moet zich nog bewijzen,’, zegt Martin. ‘Precies’, eindigt Ome Ed de discussie. ‘Franciscus anderhalf. Laat ‘ie daar maar ‘ns mee beginnen’.