Ome Ed en de verkoop van het Malieveld

‘Hoest, Ome Ed?’ ‘Ik ben effe uit de lucht geweest. Problemen met met me blaas.’ We hebben ‘m inderdaad een week niet gezien, hier in Nico’s snackbar. Niks voor Ome Ed. Hij pakt een flesje Spa geel uit de kra tonder de balie, haalt zijn eigen bieropener uit zijn achterzak en doet er verder het zwijgen toe. ’t Is toch wat, van dat Malieveld’, zegt snackbarbaas Paul tegen niemand in het bijzonder. ‘Ik schrok me echt de tering dat ze dat willen verkopen.’  ‘Heb ik wat gemist?’,zegt Ome Ed onverwacht. ‘Wat is er met het Malieveld?’ Ik zucht en leg de situatie nog maar eens uit. ‘Staatsbosbeheer moet bezuinigen van de nieuwe regering. Maar ze moeten de echte natuurgebieden sparen. Dus doen ze andere stukken grond in de verkoop. Het Malieveld bijvoorbeeld. ‘ Ome Ed verslikt zich in een slok gerstenat. ‘Wát? Je gaat mij toch niet wijsmaken dat ze het Malieveld willen v-e-r-k-o-p-e-n? Aan wie dan?’ ‘Aan de hoogste bieder denk ik.’  ‘Misschien koopt de gemeente Arnhem het wel op’, zegt Paul. ‘Hoezo?’ ‘Het Malieveld is een prachtige plek voor het Nationaal Historisch Museum.’ Martin doet een duit het zakje. ‘Je ken het veld ook verkopen aan Ajax. Hebben ze in ieder geval een fatsoenlijke grasmat’, zegt Martin.  Ome Ed schudt zijn hoofd. ‘Maar er is hoop’, zeg ik. ‘De wethouder stond op tv met een papieren rol te zwaaien uit 1576. Uit dat document blijkt dat Willem van Oranje heeft beloofd dat het Malieveld voor altijd en eeuwig in bezit van de staat zou blijven. Dus ze mogen het niet verkopen, zegt hij. ‘Lijkt me een beetje magere bewijslast, een stuk perkament van vijfhonderd jaar geleden’, sputtert Ome Ed. ‘Beseffen wij wel hoeveel geschiedenis er op dat Malieveld ligt? Hoeveel miljoenen mensen daar de longen uit hun lijf hebben staan schreeuwen, tegen allerlei vormen van onrecht? Zijn wij vergeten hoeveel miljoenen mensen daar naar de kermis zijn geweest, of naar het circus, of een concert? Hoeveel plezier daar is gemaakt? Hoe durft die Rutte dit te doen als mede-Hagenees? Hij verraad ze eigen stad.  Nee, geen discussie mogelijk. Ze blijven met d’r poten van ons Malieveld, anders gaan we demonstreren. Drie keer raden waar.’