Ome Ed en de Bekende Driehoek

  ‘Gisteren was een prima dag om je hond uit te laten in de Vergeten Driehoek’, zegt Ome Ed, tussen twee happen kalfskroket.  ‘D’r was geen orthodoxe moslim die wat durfde te zeggen, met al die politici in die straat’. ‘Je bedoelt dat politici ook honden zijn?’, vraagt Paul, die aan onze stamtafel de flessen Spa Geel ontkurkt. Vanwege de Pinksterdrukte hebben we onze zondagse bijeenkomst in de snackbar naar de dinsdag verzet. ‘Nee, dat bedoel ik niet’, antwoordt Ome Ed, ‘maar dat insinueer ik wél.’ ‘Sinds wanneer insinueer jij’, zegt Paul. ‘Ik wist geeneens dat je dat woord kénde.’ ‘Dat heb ik ‘m geleerd’, zegt Elsje, de vriendin van Ome Ed. Ze doet zich tegoed aan een broodje speklap met currysaus maar pauzeert die bezigheid nu even. ‘Lodewijk Asscher is slim. Politiek het gras voor de voeten wegmaaien van je tegenstander. Alvast een krachtige boodschap uitzenden zodat de ander daar tegenop moet boksen. Ontkrachten van elkaars argument, heet dat.’ We zijn een beetje stil. ‘Sinds wanneer ben jij zo’n briljantino?’, vraagt Gerard de Gleuvenglijder. ‘Ik heb in mijn jeugd een cursus debatteren gevolgd bij de LOI’, verklaart Elsje. ‘Ik heb daar ooit een wedstijd debatteren gewonnen. Toen kreeg ik een prijs uit handen van de oprichter van de LOI, prins de Lignac.’ ‘Je bedoeld die dooie pedo?’, vraagt Gerard. Paul zegt: ‘Insinueer jij nou wat?’ ‘Nee, dat is de waarheid’, antwoordt Gerard. Hij zucht. ‘Toen ik hoorde van een vergeten driehoek dacht ik dat ze die van me vrouw bedoelde.’ ‘Wat moeten we met de Bekende Driehoek doen?’, vraag ik. De oplossingen vliegen over tafel. ‘Wat mij betreft vergeten we ‘m weer zo snel mogelijk.’ ‘Oppakken en dumpen in de Bermudadriehoek’. ‘Kennen we daar de Pier niet in kwijt?’. Vreemd genoeg is het Elsje die het laatste woord neemt. ‘Zolang je niet zoekt naar een oplossing hou je een probleem. Aan de rafelranden van onze stad is de realiteit al veel te lang genegeerd door de heersende politieke elite. En dat is sowieso de kern van het probleem: politici zijn niet geïnteresseerd in de realiteit.’ Waarop ze met kracht een hap neemt, van haar broodje speklap.