Een harde dobber

  Dieren zijn minderwaardige schepsels. Ik vreet ze op, met liefde. Paardenvlees? Heerlijk. Dagje of vier marineren in water en azijn (of, ook lekker, karnemelk). Uurtje of drie laten pruttelen met een laurierblaadje. Smaakt verrukkelijk in de lasagna. Vlees en vis is om te eten. Ik heb mij niet naar de top van de voedselketen gevochten om vegetarier te worden. Dieren hebben een partij, maar ze zijn het niet, althans, niet voor mij. Klinkt dit alles hardvochtig? Welnee, gewoon even kijken of ze willen bijten - de leden van de Partij voor de dieren, GroenLinks en de Haagse Stadspartij. Deze drie splintergroeperingen staan op hun achterste benen omdat Den Haag kans maakt om ‘Hengelsporthoofdstad van het jaar’ te worden. Dat vinden ze niks. Volgens hen zorgt de hengelsport voor onnodig lijden bij vissen. Waar moeten we dán naar hengelen – wortels? Een stronk prei?Als het aan deze linkse huilebalken ligt wordt hengelen verboden. Gaan we weer speerwerpen, zoals in de oertijd. Kijk, dat krijg je d’r van als je in een land woont waar het te goed gaat. Men maakt zich druk om de verkeerde zaken. Hoewel ik – eerlijk is eerlijk - moet toegeven dat de Partij voor de Dieren zich ook inzet voor goede zaken. Betere varkenstransporten, dát is een goede zaak; als ik ergens een hekel aan heb dan zijn het wel blauwe plekken op me speklap. Maar steeds vaker pakken ze je pleziertjes af. Vissen langs de vijver. Wat is er heerlijker dan een lijntje natmaken op Madestein? Een welhaast meditatieve bezigheid, dat vissen. Vissers zijn geen onruststokers. Vissers houden van de natuur ( met een bijzondere voorliefde voor de platvink).Den Haag, met zijn groene omgeving en vele binnenwateren, is een oase voor de sportvisser. In een tijd waarin de ene na de andere prijs aan Den Haag voorbij gaat, met pijnlijk gezichtsverlies als gevolg, moeten we juist blij zijn met iedere eervolle vermelding. Ik moedig de organisatie van de Viswa aan om op 1 maart onze stad tot Hengelsporthoofdstad van het jaar uit te roepen; laat die partijtjes maar spartelen.